Voordat het avontuur op Zwartstrand voortzette, begonnen we nog even bij Faunalyn. Zij was alleen met haar olifant Ollie in Grindhuizen achtergebleven, waar ze nu stalling voor moest vinden voordat ze de rest achterna kon. Ze stuitte op de schimmige handelaar Frits, die haar een buitensporig bedrag aftroggelde voor haar in contact te brengen met Sasha, een mongoose-dame die bereid leek Ollie in het park te stallen.

Na haar zoektocht wist Faunalyn snel een schip te bemachtigen en af te reizen naar Zwartstrand, waar ze zich weer aansloot bij de rest van de groep. Daar was de groep nog in Guntherskust.

Op naar Zwartsteen

Er werd een plan gemaakt om af te reizen naar de Onyxberg, waar Thurz volgens de gevonden notitie snode plannen heeft. Een locatie die twee tot drie dagen reizen van Guntherskust lijkt te liggen. Aan de voet van de berg ligt Zwartsteen. De duurste huizen zijn half uit de bergwand gehouwen - een specialisatie waardoor de stad ook bekend kwam te staan om zijn beeldende kunst. In de stad worden reigers als heilig gezien.

Onderweg naar Zwartsteen loopt de groep door gekke grijze graslanden. Karros komt daar een vreemde geit tegen die een ketting draagt - die hij met een slimme manouevre weet te ontvreemden. Het blijkt een magische ketting te zijn die hem in staat stelt twee keer bkur te casten.

Barnabas Pasveer’s gilde

Na de eerste dag rusten stuiten ze op Barnabas Pasveer, die ze probeert te rekruteren voor GLIMAKU: het Gilde voor Magische Kusnten. Lidmaatschap kost dertig goud per jaar, tragisch genoeg was zijn moeder nog maar het enige lid. Karros maakte Barnabas wijs een magiër genaamd Marlantus te zijn, waarna hij beteuterd weer verder op reis ging omdat niemand hapte naar een lidmaatschap.

Op de tweede dag trof de groep een boom omringd door acht reusachtige wespen. Het gevecht daartegen bleek een spannende: Johnny en Karros werden uitgeschakeld, een verlamming zorgde ervoor dat ze naderhand ook niet zomaar konden opstaan. Aan de voet van de boom trof het team ook het dode lichaam van Barnabas aan.

De heilige reiger

In de middag arriveerde de groep in Zwartsteen, waar ze meteen neerdaalden in de taveerne de Glorieuze Aap. Barman Maximus Mosselman had meteen een oogje op Kauw-Kauw, omdat hij leek op de voor hem heilige reiger. Op die manier wist het team gratis kamers te bemachtigen. Maximus vertelde dat er gekke geluiden te horen zijn vanaf de berg. Daarnaast wees hij de groep op een oude legende, die stelt dat er een zwarte draak op de piek leeft.